#Zonnebescherming

De zon en de kinderhuid

#Zonnebescherming
De zon en de kinderhuid
advice soleil peau slider
De huid van je baby is kwetsbaar en immatuur. Ze omsluit tevens een uniek en kostbaar kapitaal huidcellen dat absoluut beschermd moet worden. Het is dus beslist noodzakelijk er bijzonder goed voor te zorgen en geschikte producten te gebruiken. Ontdek onze tips om ervoor te zorgen dat de huid van uw baby zacht, soepel en behaaglijk blijft, dag na dag!

De zon zendt stralen uit die in de huid dringen. Deze stralen zijn onmisbaar voor onze goede gezondheid, maar kunnen ook schadelijke gevolgen hebben voor het lichaam.
En tegenover uv-stralen is de huid van kinderen kwetsbaarder dan die van volwassenen: ze verdedigt zich minder goed tegen de agressies van de zon en “onthoudt” jarenlang de zonnebrand die ze heeft ondergaan.
De kindertijd is dus een cruciale periode voor wat de zon betreft, en de ouders hebben een belangrijke rol om de huid van hun kind gezond te houden. Leer samen met ons meer over de gevaren van de zon en de manieren om je baby efficiënt te beschermen!

 

DE ZONNESTRALEN

De verschillende soorten stralen

Bij de zonnestralen die de aarde bereiken, onderscheiden we drie soorten stralingen die een effect hebben op het lichaam:
• zichtbare stralen (wat het menselijk oog kan zien),
• infraroodstraling (IR),
• ultraviolette straling (uv): UVA en UVB.
De ozonlaag houdt de uv-stralen met golven korter dan 290 nanometer (de UVC-stralen) en de kortste UVB-stralen (280-290 nm) tegen.

 

De effecten op de huid

De effecten van de stralen op de huid hangen af van de lengte van de golf: hoe langer de golven van de stralen, hoe dieper ze in de huid kunnen doordringen. Daardoor hebben UVA- en UVB-stralen andere gevolgen:
• UVB-stralen leiden tot bruinen, zonnebrand, veroudering van de huid en huidkanker. Ze zijn schadelijk voor de huid.
• UVA-stralen dringen dieper in de huid en zijn verantwoordelijk voor het bruinen, maar ook voor de veroudering van de huid en het ontstaan van rimpels.
UVA-stralen bevatten minder energie dan UVB-stralen, maar zijn veel talrijker: ze vertegenwoordigen 98% van de uv-stralen, tegenover slechts 2% UVB-stralen. Bovendien zijn ze de hele dag en het hele jaar door even sterk terwijl UVB-stralen krachtiger zijn op de middag en in de zomer, maar zwakker in de ochtend, avond en winter. Goede zonnebescherming moet dus werken tegen zowel UVA-stralen als UVB-stralen.

 

De opgenomen straling

De hoeveelheid zonnestralen die de huid opneemt, hangt af van heel wat factoren:
• Het seizoen: in het noordelijk halfrond is het gevaar voor zonnebrand door UVB-stralen in juli honderd keer groter dan in de winter.
• De breedtegraad: de intensiteit van de zon is maximaal op de evenaar, waar de straling loodrecht op de aarde staat en waar ze dus een kortere afstand door de ozonlaag moet afleggen.
• De hoogte: de hoeveelheid UVB-stralen verhoogt telkens met 4% per 300 meter die men klimt. Dat verklaart gedeeltelijk waarom het risico op zonnebrand in de bergen zo groot is.
• Het tijdstip: 's morgens en 's avonds vallen de stralen schuin op de aarde. Ze geraken sneller door de ozonlaag tussen 11 en 14 uur, wanneer de UVB-stralen dus het sterkst zijn.
• De bewolking: afhankelijk van de dikte en hoogte van de wolken kunnen ze de uv-stralen enigszins filteren, maar zelfs bij bewolkt weer blijft zonnebrand steeds mogelijk.
• De bodem: het vermogen van de bodem om de stralen te weerkaatsen, hangt af van de eventuele bedekking: sneeuw (85%), zand (17%), water (5%) of gras (3%). Zo zijn de gevaren in de bergen maximaal, met meer UVB-straling, door de hoogte én door een grotere weerkaatsing op de sneeuw.
• Water: water weerkaatst tot 20% van de uv-stralen. Vandaar het gevaar voor zonnebrand, ook onder water.

 

DE EFFECTEN VAN DE ZON OP DE HUID

Positieve effecten

De zonnestralen veroorzaken positieve biologische reacties, waarvan de voornaamste de aanmaak van vitamine D is. Deze vitamine stimuleert het metabolisme van calcium en bevordert de groei van de botten. De zon heeft ook een gunstige invloed op de gemoedstoestand en kan bijvoorbeeld nuttig zijn om seizoensgebonden depressies te voorkomen.

 

Negatieve effecten

Zonnestralen hebben echter ook schadelijke biologische effecten op zowel korte als lange termijn:
De eerste uren na de blootstelling kunnen zich twee verschillende verschijnselen voordoen, afhankelijk van de duur en intensiteit van de blootstelling en van het huidtype van de persoon:
• Het warmte-effect door de infraroodstraling kan leiden tot een lichte zonnesteek met een ongemakkelijk gevoel en/of hoofdpijn of zelfs een hitteslag met acute uitdroging en bewustzijnsstoornissen. Dat komt vooral voor bij kinderen.
• De opperhuid kan verbrand geraken door de UVB-stralen en voor een deel ook door de UVA-stralen. In dat geval is er sprake van zonnebrand.

Na enkele jaren kan herhaalde blootstelling zonder aangepaste en doeltreffende bescherming leiden tot een beschadiging van de huidcellen:
• De UVA-stralen versnellen de veroudering van de huid en leiden ertoe dat de elastische vezels van de huid worden vernietigd.
• Samen met de UVA-stralen brengen de UVB-stralen huidkanker met zich mee door het proces van carcinogenese onder invloed van zonlicht. We onderscheiden enerzijds carcinomen, die de vorm aannemen van witachtige of lichtroze afgeronde bultjes of hardnekkige korstjes, en anderzijds kwaadaardige melanomen die op een gezonde huid verschijnen of het gevolg zijn van een geëvolueerde moedervlek. Voor de vroegtijdige opsporing van die melanomen moet elk moedervlekje waarvan de vorm, kleur of dikte verandert in de gaten worden gehouden. Aarzel niet om geregeld een arts te raadplegen.

 

VERSCHILLEN TUSSEN DE HUIDTYPES BIJ BLOOTSTELLING AAN DE ZON

Bij blootstelling aan de zon brengt de huid natuurlijke, biologische verdedigingsreacties op gang. De hoornlaag wordt dikker en de cellen die melanocyten genoemd worden, maken het natuurlijke pigment melanine aan dat de huid geleidelijk kleurt: dat is bruinen. Maar niet elke huid reageert hetzelfde op de zon: afhankelijk van het vermogen om melanine te produceren en om dus bruin te worden, zal ze slechter of beter bestand zijn tegen uv-stralen. Zo wordt er een onderscheid gemaakt tussen zes verschillende huidtypes: 

 

Huidtype

Haar

Gelaatskleur

Bij het bruinen

Sproeten Gebruind
I Rood Melkwit +++ Altijd + 0
II Blond Blank ++ Altijd Zeer licht gebruind
III Donkerblond Blank tot halfdonker + Vaak Licht
IV Bruin Halfdonker 0 Zelden Licht of donker
V Bruin Halfdonker 0 Zeer zelden  Donker gebruind
VI Zwart Halfdonker 0 Afwezig Zwart